Methyleenblauw, geheugen en de hersenen: de studies bij mensen
Online lees je veel over methyleenblauw en de hersenen. Welke studies bij mensen zijn er echt gedaan, met hoeveel deelnemers, wat vonden ze, en wat betekent dat?

Het idee dat methyleenblauw iets doet voor de hersenen, is een van de redenen dat de stof zo populair werd. Video's en podcasts verwijzen naar studies, vaak zonder te zeggen welke. In dit artikel zetten we de belangrijkste studies bij mensen op een rij. Per studie lees je wie er meededen, wat er werd gemeten, wat er werd gevonden en wat de beperkingen zijn. Over het onderzoek in cellen en proefdieren lees je in Methyleenblauw en mitochondriën. Hoe je een studie in het algemeen beoordeelt, staat in Wat onderzoek zegt over methyleenblauw.
Waarom onderzoekers naar de hersenen kijken
De hersenen gebruiken veel energie. Ze maken ongeveer twee procent uit van het lichaamsgewicht, maar verbruiken ongeveer een vijfde van de zuurstof. Zenuwcellen zijn daardoor sterk afhankelijk van goed werkende mitochondriën. Dat methyleenblauw in het laboratorium de energieketen in mitochondriën beïnvloedt, en dat het de bloed-hersenbarrière passeert, maakte het voor onderzoekers een logische kandidaat om in de hersenen te bestuderen.
Daarbij komt dat methyleenblauw het enzym monoamineoxidase A remt, dat boodschapperstoffen in de hersenen afbreekt. Ook dat kan effecten in de hersenen verklaren, en het verklaart een bekend risico. Zie Veiligheid en wisselwerkingen.
Studie 1: gezonde volwassenen in de MRI-scanner (2016)
Wie: 26 gezonde volwassenen tussen 22 en 62 jaar, aan de Universiteit van Texas.
Opzet: gerandomiseerd en placebogecontroleerd. De deelnemers kregen eenmalig een lage hoeveelheid methyleenblauw of een placebo, in een onderzoekssetting en onder toezicht. Daarna deden ze taken in een MRI-scanner, die meet welke hersengebieden actief zijn.
Wat ze vonden: bij de groep met methyleenblauw was de activiteit in bepaalde hersengebieden hoger tijdens een aandachtstaak en een taak voor het kortetermijngeheugen. Op een geheugentaak, waarbij deelnemers moesten herkennen wat ze kort daarvoor hadden gezien, gaven ze na methyleenblauw zeven procent meer goede antwoorden.
Beperkingen: 26 deelnemers is een kleine groep. Het ging om een eenmalige toediening, gemeten op één dag. Er is niet gekeken naar effecten op langere termijn of in het dagelijks leven. De onderzoekers noemden het zelf een eerste stap die vraagt om grotere studies.
Een jaar later publiceerde dezelfde groep een tweede analyse van vergelijkbare metingen. Daarin keken ze naar hoe hersengebieden in rust met elkaar samenwerken. Ook daar zagen ze verschillen. Ook die studie was klein.
Studie 2: angst uitdoven bij claustrofobie (2014)
Wie: 42 volwassenen met claustrofobie, angst voor kleine, afgesloten ruimtes.
Opzet: gerandomiseerd en placebogecontroleerd. Alle deelnemers kregen blootstellingstherapie, een gangbare behandeling waarbij je stap voor stap wordt blootgesteld aan wat je bang maakt. Direct na de sessie kregen ze methyleenblauw of een placebo. Het idee: als methyleenblauw het vastleggen van herinneringen beïnvloedt, legt het misschien ook vast wat je in de therapie leerde.
Wat ze vonden: de uitkomst hing af van hoe de sessie was gegaan. Bij deelnemers bij wie de angst tijdens de sessie sterk was afgenomen, was het resultaat na een maand in de methyleenblauwgroep beter. Bij deelnemers bij wie de sessie minder goed ging, was het resultaat juist slechter. Daarnaast onthielden deelnemers in de methyleenblauwgroep details van de onderzoeksruimte beter.
Beperkingen: een kleine groep, één sessie, en een gemengd resultaat. Het laat vooral zien dat het effect, als dat er is, afhangt van de omstandigheden. Een latere studie bij mensen met posttraumatische stress, met een vergelijkbaar idee, staat in Methyleenblauw in psychiatrisch onderzoek.
Studie 3: verwardheid na een operatie (2021)
Wie: 248 oudere patiënten die een grote operatie ondergingen, niet aan het hart, in China.
Opzet: gerandomiseerd, maar open. Dat betekent dat artsen en patiënten wisten wie methyleenblauw kreeg. Methyleenblauw werd door de anesthesist via een infuus gegeven, tijdens de narcose.
Wat ze vonden: in de methyleenblauwgroep kwam verwardheid na de operatie, een delier, minder vaak voor: bij 7,3 procent tegenover 24,2 procent. Ook problemen met denken een week na de operatie kwamen minder vaak voor.
Beperkingen: omdat de studie open was, kunnen verwachtingen de uitkomst hebben beïnvloed. Het ging om een heel specifieke situatie, in het ziekenhuis, met toediening en controle door artsen. Dit zegt niets over gebruik buiten het ziekenhuis. De Alzheimer's Drug Discovery Foundation noemt het een voorlopige aanwijzing.
Studie 4: de grote studies bij alzheimer
De grootste studies met een stof uit de methyleenblauwfamilie zijn gedaan bij de ziekte van Alzheimer. Het bedrijf TauRx ontwikkelde een verwante, stabielere vorm, die afwisselend LMTM, HMTM en TRx0237 wordt genoemd.
In 2016 verscheen in The Lancet een fase 3-studie met 891 patiënten met milde tot matige alzheimer. De studie haalde haar hoofddoelen niet. Op geheugen en dagelijks functioneren was er in de hoofdanalyse geen verschil met de controlegroep. Latere analyses van subgroepen leidden tot discussie, maar die waren niet opgezet om een werking aan te tonen.
Een praktisch probleem in al deze studies is het blinderen. Methyleenblauw kleurt de urine blauw of groen. Deelnemers merken dus of ze de stof krijgen. Om dat te voorkomen, kreeg de controlegroep een heel lage hoeveelheid, genoeg om de urine te kleuren. Achteraf bleek dat ook die lage hoeveelheid mogelijk actief was, wat de vergelijking lastig maakt.
Wat de overzichten concluderen
De Alzheimer's Drug Discovery Foundation, die het onderzoek naar hersenveroudering beoordeelt, vatte in 2024 alle studies samen:
- Er is een theoretische basis voor bescherming van zenuwcellen.
- Er is een voorlopige aanwijzing voor minder verwardheid na een operatie.
- Grote studies bij dementie lieten geen duidelijk voordeel zien.
- Er zijn geen studies bij mensen die hebben getest of methyleenblauw het achteruitgaan van het denken bij het ouder worden voorkomt.
- Er is geen bewijs voor een voordeel bij gezonde veroudering.
Wat een goede vervolgstudie zou moeten doen
De onderzoekers van de studies hierboven noemen zelf wat er nodig is om meer te kunnen zeggen. Grotere groepen deelnemers, van honderden mensen. Een langere looptijd, zodat je ziet of een effect blijft. Uitkomsten die in het dagelijks leven tellen, en niet alleen een score op één taak in een scanner. En een manier van blinderen die werkt, ondanks de blauwe urine. Zolang zulke studies er niet zijn, blijft het bij aanwijzingen.
Wat dit betekent
Het onderzoek naar methyleenblauw en de hersenen is serieus en interessant. Er zijn een paar kleine studies bij mensen die iets laten zien, en de onderzoekers die ze deden, vragen zelf om groter onderzoek. Maar er is geen studie die aantoont dat methyleenblauw bij gezonde mensen het geheugen of het denken op een betekenisvolle manier verandert. Wie online leest dat dat wel zo is, leest meer dan het onderzoek zegt.
Bovendien zijn alle studies hierboven gedaan met een nauwkeurig afgemeten hoeveelheid, onder toezicht, bij geselecteerde deelnemers die op wisselwerkingen waren gecontroleerd. Dat is iets anders dan gebruik thuis. Wij geven daarom geen gebruiksadvies, zie Methyleenblauw en de wet.
Samengevat
Bij mensen zijn er enkele studies naar methyleenblauw en de hersenen. Een kleine studie bij 26 gezonde volwassenen zag na een eenmalige hoeveelheid veranderde hersenactiviteit en een kleine verbetering op een geheugentaak. Een studie bij 42 mensen met claustrofobie had een gemengde uitkomst. Een open studie bij oudere patiënten zag minder verwardheid na een operatie. De grote studies bij alzheimer met een verwante stof haalden hun hoofddoelen niet. Een voordeel bij gezonde mensen is niet aangetoond.
Veelgestelde vragen
Is aangetoond dat methyleenblauw het geheugen verbetert?
Nee. Eén kleine studie bij 26 gezonde volwassenen zag een kleine verbetering op één geheugentaak na een eenmalige hoeveelheid in een onderzoekssetting. Dat is een eerste aanwijzing, geen bewijs. Grotere en langere studies bij gezonde mensen ontbreken.
Waarom zijn er zo weinig studies bij mensen?
Goed onderzoek bij mensen is duur en duurt lang, en methyleenblauw is een oude stof waarop geen patent zit. Bovendien is blinderen lastig, omdat methyleenblauw de urine blauw kleurt. Deelnemers merken dan vaak of ze de stof of een placebo krijgen.
Wat is het verschil tussen een open en een geblindeerde studie?
In een open studie weten deelnemers en onderzoekers wie welke behandeling krijgt. In een geblindeerde studie weten ze dat niet. Blinderen voorkomt dat verwachtingen het resultaat beïnvloeden, en geeft daarom betrouwbaardere uitkomsten.
Blue Magic (awakening)Methyleenblauw 1%, 100 ml in bruin glas met glazen pipet. Getest op zware metalen. €40,00.
Bekijk Blue MagicBronnen
- Rodriguez P, Zhou W, Barrett DW, et al. Multimodal Randomized Functional MR Imaging of the Effects of Methylene Blue in the Human Brain. Radiology. 2016;281(2):516-526.
- Rodriguez P, Singh AP, Malloy KE, et al. Methylene blue modulates functional connectivity in the human brain. Brain Imaging Behav. 2017;11(3):640-648.
- Telch MJ, Bruchey AK, Rosenfield D, et al. Effects of post-session administration of methylene blue on fear extinction and contextual memory in adults with claustrophobia. Am J Psychiatry. 2014;171(10):1091-8.
- Deng Y, Wang R, Li S, et al. Methylene blue reduces incidence of early postoperative cognitive disorders in elderly patients undergoing major non-cardiac surgery, an open-label randomized controlled clinical trial. J Clin Anesth. 2021;68:110108.
- Gauthier S, Feldman HH, Schneider LS, et al. Efficacy and safety of tau-aggregation inhibitor therapy in patients with mild or moderate Alzheimer's disease, a randomised, controlled, double-blind, parallel-arm, phase 3 trial. Lancet. 2016;388(10062):2873-2884.
- Alzheimer's Drug Discovery Foundation. Cognitive Vitality Report, Methylene blue (and TRx0237). Bijgewerkt 27 september 2024.


